INCOTERMS

 

Gebruik van Incoterms®

 

    • INCOTERMS® : afkorting van "'INternational COmmercial TERMS". De Incoterms bepalen de wederzijdse verplichtingen van de verkoper en de verkoper in het kader van een internationaal koop/verkoopovereenkomst..
    • De Incoterms verduidelijken de respectieve verantwoordelijkheden maar bepalen niet het moment  dat de eigendom overgebracht wordt.
    • De Incoterms leggen de kostenverdeling en de risicodeling vast.

Voorstelling van Incoterms®

  

  • 4 alfanumerische kentekens waarvan :
  • 3 letters voor de in het contract vastgelegde Incoterm-regel.
  • 1 cijfer voor de localisatie van het vervoercontract :
      • 1 : plaats in België.
      • 2 : plaats in een andere staat van de Europese Unie.
      • 3 : plaats buiten de Europese Unie

 Incoterms® 2010 : twee afzonderlijke groepen

  

Incoterms® 2010 houden rekening met de evolutie van de praktijken in de internationale handel, de opkomst van de securitaire vragen (11 september aanvallen) en de adoptie van het Safe kader (normen inzake beveiliging en vergemakkelijken van de handel).

Men vindt 11 Incoterms in twee afzonderlijke groepen:

 

- De regels gebonden alle vervoermiddellen : EXW - FCA - CPT - CIP - DAT - DAP - DDP
- De toepasselijke regels voor het zeevervoer  : FAS - FOB - CFR - CIF

 

 

1. Regels toepasselijk voor elke vervoersmiddel :

   

  • EXW  (Ex Works-Af fabriek): De verkoper heeft zijn leveringsplicht vervuld wanneer de goederen ter beschikking in zijn vestiging (werkplaats, fabriek, opslagruimet, enz.). De koper is verantwoordelijk voor alle kosten en risico's  verbonden aan het goederenvervoer vanaf  de vestiging van de verkoper tot de gewenste bestemming. De verkoper moet   de goederen niet op een voertuig laden.  EXW  vertegenwoordigt de minimale verplichting van de verkoper. Enkel te gebruiken voor nationale handel.

 

  • FCA  (Free Carrier- Vrachtvrij tot vervoerder): De verkoper heeft zijn leveringsplicht vervuld wanneer hij de uitgeklaarde goederen levert  aan de door de koper genoemde vervoerder  op het punt als overeengekomen. De overdracht van kosten en risico's gebeurt wanneer de vervoerder de goederen aanneemt. 

 

  • CPT  (Carriage Paid to-Vrachtvrij tot ): De verkoper kiest de vervoermodus en betaalt de vracht voor het vervoer van de goederen naar de genoemde bestemming. Hij klaart de goederen  uit. Wanneer de goederen aan de eerste vervoerder afgeleverd worden, worden de risico's van de verkoper naar de koper overgebracht.

 

  • CIP  (Carriage and Insurance Paid To-Vrachtvrij inclusief verzekering tot):  De verkoper heeft dezellde verplichtingen als onder CPT. Bovendien moet hij een vrachtverzekering afsluiten tegen het risico voor de koper van verlies van of scahde van goederen tijdens het vervoer. De verkoper klaart de goederen uit.

 

  • DAT : De verkoper heeft naar behoren de goederen geleverd mits de goederen worden aan de koper ter beschikking gesteld op de aageduide terminal in de overeengekomen haven of bestemmingsplaats.

 

  • DAP : De verkopere moet de goederen leveren. De goederen zijn beschikbaar gesteld  voor de koper op het vervoermiddel. ze zij klaar voor het aflossen op de overeengekomen plaats, indien bepaald, in plaats van de overeengekomen bestemmingsplaats op de genoemede datum of in de afgepsrokene termijnen. De verkoper aanvaardt  de risico's gebonden aan het vervoer van goederen tot de bestemmingsplaats.

 

  • DDP : In tegenstelling tot EXW, duidt de term de maximum leveringsplicht van de verkoper. De verkoper is verantwoordelijk voor alles, inclusief de inklaring en de betaling van de verschuldigde rechten en belastingen. De overdracht van kosten en risico's gebeurt  bij de levering aan de koper en hij staat ook in voor het lossen. 

 

 

 

2.Toepasselijke regels voor zee en binnenwatervervoer:

  

  • FAS (Free Alongside Ship-Vrij langszij schip):

     De verkoper heeft zijn leveringsplicht vervuld wanneer de goederen tot de goederen langszij het ship op de overeengekomen laadhaven geplaatst werd. De verkoper moet alle kosten en risico’s en potentiele schade voor de goederen verdragen. Met FAS, is de verkoper verplicht de goederen uit te klaren.

     

 

  • FOB : De verkoper heeft aan zijn leveringsplicht voldaan wanneer de goederen aan boord van het schip in de genoemde verschepingshaven geplaatst wordt. De verkoper klaart de goederen uit. De koper kiest het schip en betaalt de zeevracht. De overdracht van risico’s gebeurt wanneer de goederen aan boord van het schip zijn. Vanaf dat moment, moet de koper alle kosten verdragen. 

 

 

 

  • CFR:

    De koper moet het schip kiezen en de koesten en vracht betalen om de goederen naar genoemde bestemmingshaven te brengen. De uitvoerformalitieiten zijn ten laste van de verkoper. De overdracht van risico's gebeurt wanneer de goederen aan boord van het schip geplaatst worden.

 

  • CIF:

De verkoper heeft de zelfde verplichtingen als onder CFR maar hij moet bovendien een zeetransportverzekering afsluiten tegen het risico van verlies van of schade aan de goederen tijdens het vervoer. De uitvoerformlaliteiten zijn ten laste van de verkoper. De goederen reizen, op zeevervoer of binnenvaartvervoer, op risico's en gevaren van de koper. De overdracht van risico's gebeurt op het moment dat de goederen aan boord van het schip geplaatst worden.

 

Een belangrijk verschil  (Aankomst/verschil)

  


7 multimodale Incoterms en 4 Incoterms voor zeevervoer

 

Verkoop bij vertrek met 8 Incoterms: Op het belangrijkste vervoer, reizen de goederen onder de verantwoordelijkheid van de koper.

 

  • Multimodale incoterms – verkoop bij vertrek: EXW / FCA / CPT / CIP
  • Incoterms voor zeevervoer – verkoop bij vertrek : FAS / FOB / CFR / CIF

 

Verkoop bij aankomst met 3 Incoterms : Op het belangrijkste vervoer, reizen de goederen onder de verantwoordelijkheid van de verkoper.

 

• Multimodale incoterms – verkoop bij vertrek: DAT / DAP / DDP

 

 

Evolutie: Incoterms® 2000 -201

 

 

  • De regel Incoterms DEQ wordt door DAT vervangen.
  • De DAF / DES / DDU Incoterms worden door D vervangen